Een FPV-drone kost enkele honderden dollars; een interceptor die hem onderschept kost al snel honderdduizenden dollars; het vliegtuig dat hij kan uitschakelen kost tientallen miljoenen. Deze kostenrekensom valt structureel in het voordeel van de aanvaller uit.
FPV-productie groeide van circa 20.000 naar 200.000 stuks per maand binnen ongeveer een jaar tijd — een tienvoudige toename. Shahed-lanceringen groeiden van ~130 naar meer dan 1.000 per week in eenzelfde soort tijdsbestek.
Deze schaal en kostenasymmetrie zijn de reden dat conventionele, dure luchtverdediging het domein niet houdbaar kan bijbenen — zie hoofdstuk 6.2 voor wat daar wél en niet tegen werkt.